Constante en variabele kosten: verschil en berekening

Constante kosten blijven in totaal gelijk bij een verandering van de bedrijfsdrukte, binnen een bepaalde periode en capaciteit. Variabele kosten veranderen mee met bijvoorbeeld productie, verkopen of gereden kilometers. Dit onderscheid helpt je kosten begroten, prijzen beoordelen en berekenen hoeveel je moet verkopen om quitte te spelen.

Inhoudsopgave [verbergen]

? min. leestijd | ? woorden

    Wat zijn variabele kosten?

    Variabele kosten bewegen mee met een activiteit. Denk aan materiaalverbruik bij productie, verpakkingen per verzending en de inkoopwaarde van verkochte goederen. Brandstofkosten hangen onder meer samen met het aantal gereden kilometers. Benoem dus steeds welke activiteit de kosten veroorzaakt. [ref]

    Variabel betekent niet dat de kosten per product altijd stijgen. Bij proportioneel variabele kosten blijft het bedrag per eenheid gelijk. In het voorbeeld hieronder kost ieder product € 6 aan variabele kosten: 100 producten kosten samen € 600 en 200 producten € 1.200. In de praktijk kunnen bijvoorbeeld hoeveelheidskortingen of overwerk het bedrag per eenheid veranderen.

    Wat zijn constante kosten?

    Constante kosten, ook vaste kosten genoemd, veranderen binnen de gekozen periode en capaciteit niet door meer of minder productie of verkoop. Voorbeelden zijn de huur van dezelfde bedrijfsruimte en een vast verzekeringsbedrag. De totale constante kosten blijven gelijk; de kosten per product dalen als je die kosten over meer producten verdeelt.

    Bij een bedrijfsauto kunnen autoverzekering en motorrijtuigenbelasting binnen de bestaande situatie vast zijn. Voor een machine kan lineaire afschrijving een constante kostenpost vormen. Een afschrijving op basis van productie-eenheden kan juist een variabel karakter hebben. Een vaste post blijft dus niet onder alle omstandigheden en voor altijd gelijk.

    Gemengde kosten en extra capaciteit

    Een fictief abonnement van € 50 per maand plus € 0,10 per transactie heeft een vast én een variabel deel. Bij 200 transacties zijn de totale kosten € 70. Splits deze onderdelen als je een begroting maakt.

    Moet je bij groei een extra machine of auto inzetten, dan kan het vaste kostenniveau ineens omhooggaan. Dit heet een sprong in de constante kosten. Ook een nieuwe huurprijs kan het vaste bedrag voor een volgende periode wijzigen. Leg daarom vast voor welke periode en capaciteit je rekent.

    Voorbeeld: totale kosten en kosten per product

    Stel dat de vaste kosten € 1.200 per maand zijn en de variabele kosten € 6 per verkocht product. Alle producten worden in dezelfde maand gemaakt en verkocht; er is geen voorraadverandering. De verkoopprijs is € 10. Binnen de getoonde aantallen is geen extra capaciteit nodig. De bedragen zijn exclusief af te dragen of aftrekbare btw; andere kosten zijn er in dit voorbeeld niet.

    Per maand100 producten200 producten300 producten
    Constante kosten totaal€ 1.200€ 1.200€ 1.200
    Variabele kosten totaal€ 600€ 1.200€ 1.800
    Totale kosten€ 1.800€ 2.400€ 3.000
    Constante kosten per product€ 12€ 6€ 4
    Totale kosten per product€ 18€ 12€ 10
    Omzet€ 1.000€ 2.000€ 3.000
    Resultaat− € 800− € 400€ 0

    Bij een constant variabel bedrag per eenheid geldt: totale kosten = constante kosten + (variabele kosten per eenheid × aantal eenheden). Deel het totaal door het aantal om de gemiddelde kosten per eenheid te vinden. Bij nul producten kun je geen gemiddelde kosten per product berekenen, terwijl de vaste kosten wel kunnen doorlopen.

    Break-evenpunt berekenen

    Van de verkoopprijs van € 10 blijft na € 6 variabele kosten € 4 per product over om vaste kosten te dekken. Dit is de dekkingsbijdrage. Je speelt quitte bij € 1.200 / € 4 = 300 producten per maand. De omzet is dan € 3.000, evenveel als de totale kosten.

    Voor één product met een vaste verkoopprijs en proportioneel variabele kosten is de formule: break-evenafzet = constante kosten / (verkoopprijs per eenheid − variabele kosten per eenheid). [ref]

    Gebruik kosten en afzet van dezelfde periode. Rond bij ondeelbare producten naar boven af. Bij een dekkingsbijdrage van nul of minder kun je positieve vaste kosten met extra verkopen niet terugverdienen. Veranderen prijzen, productmix of capaciteit, dan moet je opnieuw rekenen.

    Verschil met directe en indirecte kosten

    Constant of variabel gaat over het gedrag van kosten bij veranderende activiteit. Direct of indirect gaat over de toerekening aan een product, afdeling of klant. Dat zijn twee verschillende vragen. De vaste afschrijving van een machine die alleen product A maakt, kan bijvoorbeeld direct aan A worden toegerekend.

    Deze indeling bepaalt op zichzelf niet wanneer een uitgave in de resultatenrekening komt. Voorraad, investeringen en vooruitbetalingen vragen ook om een juiste periodetoerekening.

    Volgende artikel »

    Veel gestelde vragen over constante en variabele kosten (FAQ)

    Wat zijn constante kosten?

    Constante kosten blijven in totaal gelijk bij een verandering van bedrijfsdrukte, binnen een bepaalde periode en capaciteit. Voorbeelden zijn een vast huurbedrag en lineaire afschrijving. Per product kunnen deze kosten wel veranderen.

    Wat zijn variabele kosten?

    Variabele kosten veranderen met een activiteit, zoals materiaalverbruik bij productie of brandstof bij meer gereden kilometers. Bij proportioneel variabele kosten blijft het bedrag per eenheid gelijk.

    Wat is het verschil tussen constante en variabele kosten?

    Variabele kosten veranderen in totaal met de bedrijfsdrukte. Constante kosten blijven binnen de gekozen periode en capaciteit in totaal gelijk. Een kostenpost kan ook een vast en een variabel deel hebben.

    Referenties

    [verbergen]
      Datum gepubliceerd: 26-12-2016 | Datum bijgewerkt: 19-09-2026 | Auteur:

      Deel 'Constante en variabele kosten: verschil en berekening'

      Deel dit bericht via social media met je familie, vrienden en collega's!

      Wat zijn constante en variabele kosten? Bekijk voorbeelden, totale kosten en kosten per product, gemengde kosten en een berekening van het break-evenpunt.


      Over de auteur van 'Constante en variabele kosten: verschil en berekening'

      Patrick (auteur en webmaster)

      Auteur van deze content is Patrick. Alle informatie is gebaseerd op de kennis die ik heb verkregen uit een tweetal hbo- en een tweetal post hbo-studies. Daarnaast speelt de jarenlange ervaring bij een accountantskantoor en als financial controller in het bedrijfsleven een grote rol bij de link naar de praktijk.

      Ik werk niet voor een gerelateerd bedrijf of instelling, waardoor de informatie betrouwbaar en onafhankelijk is. De informatie is nauwkeurig verzameld op basis van betrouwbare bronnen en wordt regelmatig geüpdatet. Speciaal voor bezoekers van deze website heb ik de top 5 beste boekhoudprogramma's op een rij gezet en vergeleken.